Beleidsplan kerkmuziek 2015 - 2017

 

Kerkmuziek in PKN het Anker

Het zingen door de gemeente van berijmde psalmen en gezangen is de belangrijkste muzikale gebeurtenis in de kerk. Ook komt het regelmatig voor dat de gemeente een eenvoudig Kyrie of een andere liturgische tekst zingt. Regel is dat de gemeentezang wordt begeleid door het orgel. Zelfstandig orgelspel is er voor de dienst, na de overdenking, tijdens de collecte en na afloop van de dienst.

In de eredienst staat de evangelieverkondiging centraal. Muziek kan daar in grote mate aan bijdragen en verdient daarom de nodige aandacht. Hierbij kan onderscheid worden gemaakt tussen het meewerken aan een dienst en integraal onderdeel zijn van de eredienst.

Wanneer muziek integraal deel uit maakt van de eredienst, bestaat dit in de huidige situatie voor het grootste gedeelte uit orgelspel. Echter, er zijn ook andere vormen van muziek die integraal deel uit kunnen maken van de dienst: projectcantorij, Eljakim of een muziekgroep.

In geval er medewerking wordt verleend aan een dienst kan gedacht worden aan een (kinder)koor, solist of muziekgroep. We kunnen hier spreken van een optreden tijdens een dienst.

Wanneer muziek integraal deel uit maakt van de eredienst, mogen daar de nodige eisen aan gesteld worden. Dit geldt voor de organisten, maar ook voor cantorij, Eljakim of muziekgroep.

Het stellen van eisen geldt voor zowel het begeleiden van de gemeentezang als ook voor de momenten waarop er sprake is van zelfstandig musiceren: voorafgaande aan de dienst, tijdens de collecte en wanneer de gemeente de kerk verlaat. Bij al deze onderdelen moet men zich er van bewust zijn dat het één geheel is met de overige onderdelen van de dienst.

Het betekent dat men niet alleen in staat moet zijn de gemeente op adequate wijze te begeleiden, maar dat er voldoende liturgisch inzicht is en dat men op de hoogte is van ontwikkelingen op kerkelijk gebied. Historisch besef en kennis van literatuur en repertoire zijn daarbij onontbeerlijk. Om één en ander goed te laten functioneren is vroegtijdig en regelmatig overleg tussen voorganger en organist/muzikaal leider/dirigent een vereiste.

Gezien het feit dat het merendeel van de muzikale invulling voor rekening is van de organisten, mogen daar aanvullende eisen aan worden gesteld. Daarbij gaat het ondermeer om:

- een dusdanige opleiding die de organist in staat stelt om de gemeente op adequate wijze te begeleiden

- vaardigheid een nieuw lied met de gemeente (voor de dienst)  in te studeren

- het speelniveau te handhaven door middel van studie en/of nascholing

- kennis hebben van de orgelliteratuur, (de geschiedenis van) het kerklied, liturgisch inzicht hebben en op de hoogte zijn van ontwikkelingen op kerkelijk gebied

- dit op peil te houden door het lezen van vakliteratuur en zich op dit gebied permanent te scholen

- kennis en vaardigheden op zodanige wijze in dienst van de eredienst te stellen dat ze een onderdeel vormen van de verkondiging en dat de gemeente verstaat wat er muzikaal gebeurt.

Alle medewerkers aan de eredienst zijn op de hoogte van wat er in de dienst gebeurt, zodat er zich geen onverwachte dingen voor doen die de dienst nadelig beïnvloeden.

Als er liederen worden gezongen die niet in de meest gebruikte bundels staan, moet de organist/muzikaal leider/dirigent eerst worden geraadpleegd over de zingbaarheid. Die is als geen ander in staat om de zingbaarheid vast te stellen.

Kerkmuziek in gezamenlijke diensten 2015 – 2017

Vooralsnog zal de muzikale invulling en inbreng op hoofdlijnen blijven zoals hierboven beschreven, wanneer de gezamenlijke diensten plaats vinden in het Anker. Dit betreft zowel de keuze van de liederen, de gezongen liturgische teksten en bijvoorbeeld de medewerking van Eljakim. Een projectcantorij kan haar medewerking verlenen aan bijzondere diensten of bij het aanleren van een nieuw lied.

Ook voor de Hervormde gemeente in de St. Maarten geldt voor deze periode, dat de bekende kerkmuzikale inbreng in deze periode niet wijzigt.

Kerkmuziek in gezamenlijke diensten vanaf 2017

Wanneer er besloten wordt om het aantal gezamenlijke diensten uit te breiden, dient een meer gezamenlijke afstemming en invulling van het muzikale aandeel in de dienst plaats te vinden. Te denken valt aan een gezamenlijke cantorij, hernieuwde liturgische vormgeving, aantal en inhoud van bijzondere diensten, begeleiding anders dan door de organist, e.a. Afhankelijk van de uitbreiding van het aantal gezamenlijke diensten, het gebouw waarin deze plaats gaan vinden en de federatieve ontwikkelingen in de periode tot 2017, zal in een kleine commissie een nieuw en gezamenlijk Beleidsplan Kerkmuziek voorbereid kunnen worden.

December 2015