Preek oudjaarsavond

Preek Ds. T. Bouw op oudejaarsavond 2018

bij Jesaja 43 : 14 - 21 en 1 Johannes 2 : 7 - 11

 

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

 

Blijf niet staren op wat vroeger was,

sta niet stil in het verleden.

Ik, zegt hij, ga iets nieuws beginnen.

Het is al begonnen, merk je het niet?

 

Huub Oosterhuis maakte een lied bij Jesaja 43.

Een lied dat bruist van levenslust

en waarin het nieuwe ons wordt geschetst

als een prachtige dag onder handbereik.

Nog even de drempel over, maar dan…. 

 

En wij, wij staan op de drempel van een nieuw jaar.

Doen wij dat met hetzelfde positieve gevoel van Oosterhuis?

Dat kan , maar toch...

 “Ik, zegt God, ga iets nieuws beginnen,

het is al begonnen, merk je het niet?” 

Nou nee, dat merken we niet.

Het is heel veel het oude verhaal

en het zelfde oude liedje waar je niet altijd vrolijk van wordt.

 

Nee, Oosterhuis die lijkt toch wat afkomstig uit een andere tijd.

Toen we in kerk en samenleving met gespannen verwachting uitkeken

naar het nieuwe dat de toekomst ons zou brengen.

Dat optimisme lijkt iets van andere tijden.

Bij voorbeeld wel die van de tijd van Jesaja. Toen men ook optimistisch was.

Koning Nebukadnessar die het volk had weggevoerd was dood gegaan

en de macht van die andere koning groeide.

En deze Cyrus leek wel het goede voor te hebben met de Israelieten in ballingschap..

En dus klinkt de profetie van Jesaja als muziek in de oren van zijn tijdgenoten: “zie Ik zend iemand naar Babel,

die zullen nu zelf moeten rennen als vluchtelingen.

Ik maak iets nieuws: het is al aan het ontkiemen, let op!”

 

Een heel andere tijd, niet de onze.

En toch proeven we in die tekst iets voor alle tijden.  

Want wat ís dat nieuwe eigenlijk dat God brengt?

Wat zorgt voor zoveel positivisme?

Een groeiende economie en meer welvaart?

Minder oorlog en meer vrede?

Terugkeer naar het beloofde land?

Zicht op het paradijs zelf?

 

Nou nee

dit is het nieuwe:

rivieren in de wildernis.

en een weg in de woestijn.

 

Dat is natuurlijk fijn:

water in de wildernis,

en een weg door de woestijn.

Kortom :  kracht om te leven

en een weg waarop je niet verdwaalt.

Maar minder fijn is dat woestijn en wildernis  dus niet verdwenen zijn.

 

Woestijngevoel is in Bijbel en in leven van mensen

een behoorlijk constante factor.

Soms persoonlijk:

je ziet nergens vruchtbaar land dagen,

je voelt je opgedroogd of uitgeput.

Je energie en gezondheid, je grote geluk,

het samenzijn met je geliefde,

je toekomstdromen:

het lijkt allemaal voorgoed verleden tijd.

Soms kent een samenleving zo’n woestijngevoel:

het beloofde land lijkt verder weg dan ooit,

mensen voelen zich vervreemd en angstig

door alles wat er om hen heen gebeurt.

En veranderingen, nieuwe ontwikkelingen?

Sommige mensen worden daar vanzelf blij van,

voor anderen zijn veranderingen vooral lastig en zelfs bedreigend.

Je weet wat je hebt, je weet niet wat je krijgt.

Niet voor niets een tegeltjeswijsheid geworden.

En dan lezen wij op de drempel van oud naar nieuw Jesaja 43.

''Laat het verleden nu rusten.

Zie ik ga iets nieuws verrichten!"

 

Mogen we dan niet aan oude tijden denken?

 Alsof je zomaar een knop om kan zetten.

Alsof Jesaja zelf zo consequent is.

Want waar begint hij mee:

met zijn hoorders te herinneren aan het verleden!

Aan oude tijden nota bene!

De tijden dat hun een weg werd gebaand door het water van de rode zee.

Maar dat is ook geheel in de lijn van de bijbel:

het gedenken van wie en wat is voorgegaan -

dat is van groot belang om in het heden te weten

met welke God je van doen hebt,

om te weten hoe je weg in het heden moet zijn.

Gedenk wat geschreven is,

gedenk wat gebeurd is,

gedenk wie je ontvallen zijn.

Kortom: gedenk wat oudtijds was.

 

Maar dat is iets anders dan er bij blijven stil staan.

Je kunt die oude wegen niet meer bewandelen,

 je kunt niet terug naar het oude.

Je zult telkens het nieuwe moeten zoeken,

dat wil dus zeggen: de weg die je nu te gaan hebt

niet de weg die achter je ligt

maar de weg die voor je ligt.  

Wie stil blijft staan bij het verleden komt nu

geen stap verder of struikelt al bij het eerste obstakel

want wildernis en woestijn zijn nooit ver weg.

 

Blijf dus niet staren op wat vroeger was,

en sta niet stil in het verleden,

zoals Oosterhuis wat mij betreft zeer eigentijds verwoordt.  

 

Of je nou optimist bent of pessimist

of een realist met visie;

voor wie gelooft mogen in alle tijden de woorden van Jesaja klinken:

zie, ik maak iets nieuws;

een weg in de woestijn,

een rivier in de wildernis.

 

Dat betekent niet:

stil maar, wacht maar, God maakt er wel een happy end aan.

Het betekent: kom, ga maar, er is een weg door de woestijn.

Altijd, hoe smal en onooglijk ook.

En hoe je die nieuwe weg altijd weer vindt?

 

Door een oud gebod serieus te nemen,

zegt die andere geloofsgetuige in de brief van Johannes.

Het oude gebod van de liefde, dat toch een nieuw gebod is.

Dat is geen flauw woordgrapje van Johannes, maar serieuze werkelijkheid.  Waar mensen hier en nu de weg van dit oude gebod gaan,

wordt het als nieuw, hoopgevend, actueel, van deze tijd.

Waar mensen die weg gaan blijven zij ook open staan

voor nieuwe initiatieven van Gods kant:

een kentering van de tijden,

een nieuwe opening in je eigen bestaan,

een wonderlijke omslag in het denken.

Wie gelooft in een God die in onze wereld komt,

blijft niet staren, gaat niet stil zitten wachten, maar gáát.

Als het ware God tegemoet op de weg die jij hebt te gaan.

 

Op de drempel van oud en nieuw kijken wij achterom.

Met blijdschap of met verdriet.

Want wij gedenken de dingen die goed en niet-goed waren.

 

We kijken ook vooruit: wat staat ons te wachten?

Wordt het een zee van verdriet,

of de woestijn van vervreemding

of misschien een oase van vrede en rust?

We weten het niet.

Maar wat we wel weten is dat er altijd een weg zal zijn om te gaan.

Een nieuwe weg.

Je bent er al aan begonnen,

zie je het niet?

Amen